Werk op de kwekerij…

Opa Vogel op de kwekerij (foto vóór 1953)
Oma Vogel verft de stijlen van de nieuw gebouwde 2e kas…

Mijn vader en moeder trouwden in augustus 1956 en gingen wonen aan de Molenhorn 24 in Zandeweer. Toen ik geboren werd was mijn vader daar een kwekerij begonnen; alhoewel het waarschijnlijker is dat hij voortborduurde op het werk dat zijn vader was begonnen. Toen opa in 1953 overleed had oma amper een bron van inkomsten meer; waarschijnlijk voorzag de kwekerij in die periode ook voor een deel in haar inkomsten? De AOW werd pas op 8 juni 1956 van kracht…

Tussen het huis van oma en dat van ons waren nog twee andere huizen (dat van de familie Rozeboom en het huis van Broekhuizen). Achter beide huizen liep een zandpaadje waarlangs oma dagelijks haar gang naar de kwekerij maakte om daar mee te helpen. De eerste jaren liep de kwekerij voortreffelijk. De oogsten waren goed, de prijzen waren prima en dien ten gevolge hadden mijn ouders de middelen om te investeren in het bedrijf. Eén kas werden twee kassen en op een bepaald moment werd er een nieuw ketelhuis gebouwd (op oliestook). Het voornaamste gewas waren anjers, maar ik herinner me ook gerbera’s, fresia’s, komkommers, tomaten en meloenen… Als kleine jongen werd ik wel eens naar de achterste kas gestuurd om een verse meloen te halen. Ach… De smaak van verse meloenen…

Op een bepaald moment kwam de Europese Unie op; regels werden veranderd; import en export van bloemen werden anders geregeld en ineens hadden de Nederlandse bloemenkwekers er een formidabele concurrentie bijgekregen; in veel zuidelijke landen waren de stookkosten een stuk lager dan bij ons – er kon dus tegen lagere kosten geproduceerd worden. Veel kwekerijen legden het loodje in die tijd. Bij ons thuis was het goed te merken dat het een magere periode geworden was. De rol en het belang van verkoop aan huis werd groter (nog gauw even een bosje anjers voor het weekend) en de hulp van oma was in die periode dan ook meer dan welkom… Vreemd genoeg zijn er wel weer veel foto’s uit die periode waarom mijn oma (hard werkend) te zien is… Oma Vogel was zo vaak bij ons aan het werk dat ik haar altijd ‘oma Moe’ noemde; mijn vader noemde haar ‘Moe’, dus voor mij was het allemaal héél logisch.

Wij, de kinderen werden in die periode meer afhankelijk van kleding van neven en nichtjes (zowel mijn vader als mijn moeder waren het jongste kind in de gezinnen waar ze uit afkomstig waren – dat kwam dus goed uit). Toen ik een jaar of 11 was wisten m’n ouders de kwekerij te verkopen aan een kweker uit Uithuizen; wij vertrokken naar Zwolle. Vader had een baantje gevonden bij de papierfabriek van Van Gelder in Wapenveld. Nog voor de verhuiswagen van het erf was vertrokken had de nieuwe eigenaar het woonhuis van m’n ouders al platgegooid. Ik weet nog dat mijn moeder in tranen was… De nieuwe eigenaar heeft het er maar een paar jaar volgehouden… Het perceel van Molenhorn 24 heeft nog jarenlang braak gelegen. Pas de laatste 10 jaar (schat ik) staat er een nieuwe woning…

Deze diashow vereist JavaScript.

Delen:

Comments

comments

Related posts

Geef een reactie