Voorjaarsvakantie in Grou

Tijdens de schoolvakanties vinden we het fijn om samen een paar dagen op vakantie te gaan. Meestal heeft P ruim van tevoren al via Airbnb een huisje gevonden waar we dan kunnen verblijven. Voor de voorjaarsvakantie hadden we een huisje in de buurt van Grou in het midden van de provincie Friesland. We waren van plan om op een zondag te vertrekken naar Grou en in de loop van de daaropvolgende donderdagochtend weer terug naar Groningen te gaan. Uiteraard zouden we de fietsen meenemen. Na een uurtje rijden kwamen we aan.

Ons huisje lag achter de rij huisjes aan het water. Maar voor dit uitzicht hoefden we amper 100 meter te wandelen…

Opeens lag er een beschilderde schelp bij de voordeur, de volgende dag lag er een beschilderd steentje bij en de volgende dag weer eentje. Waarschijnlijk waren deze Happy Stones overgebleven van het Sint Piter feest.

Omdat ons huisje op een vakantiepark (Yn’e Lijte = in de luwte) was gelegen moesten we via een slagboom het park op. Die slagboom kon worden geopend met behulp van een pasje. Eerst dus onze gastvrouw gebeld en vervolgens wachten tot ze aan kwam lopen. In de tussentijd moesten we iemand de ruimte geven die wel een pasje had en voor ons aan naar binnen wilde. Deze tijdrovende operatie begon mij een beetje te jeuken. Maar we hebben ook nog niet zo vaak een huisje op een vakantiepark gehad. Zou daar m’n irritatie vandaan komen? Vakantieparken hebben natuurlijk heel andere regels voor toegang en dergelijke dan individuele huisjes. Maar het kwam allemaal goed. We kwamen aan bij een weliswaar klein, maar mooi huisje. Samen met haar zus had onze gastvrouw – zo vertelde ze ons – ruim twee uur gepoetst om het huis aan de hygiëneregels van Airbnb te laten voldoen. Wij hadden een tijd geleden al geleerd dat Airbnb een compleet Corona-schoonmaakprotocol op hun website heeft staan. Ik vond het vanaf de buitenkant een wat klein huisje. Eenmaal binnen bleek het erg doordacht qua indeling; heel erg compact allemaal. Het was niet echt klein, maar er was ook niet zo veel loze ruimte in het huisje.

De achterkant van ons huisje.

We vonden het niet heel warm in de kamer. De verwarming werd wat hoger gezet en wij gingen op pad om Grou te verkennen. Helemaal verrast was ik toen bleek dat dit het weekend is na het Sint Piter feest. Waarschijnlijk was Sint Piter net weer terug naar Spanje toen wij in Grou aankwamen… Grou is de enige gemeente in Nederland waar in december geen Sinterklaas gevierd wordt, maar in februari viert men Sint Piter. Later vonden we een persbericht waaruit bleek dat Sint Piter op zaterdag 13 februari was gearriveerd. We hebben een en ander helaas gemist…

GROU – Op zaterdag 13 februari rond 16 uur begonnen de klokken in de Sint Piterkerk met luiden, omdat Sint Piter en Aldemar toch nog in Grou wisten te komen. Een traditionele intocht zat er niet in, maar ze hebben het Friese dorp uiteindelijk weten te bereiken. Sint Piter was alleen onderweg met de stoomboot van Spanje naar Grou, maar kreeg motorpech. Daarom kwam Aldemar hem halen en begon de boot te slepen. De boot van Sint Piter was echter zo groot, dat Aldemar al snel door zijn benzine heen was en niet verder kon trekken. Bovendien lag er in Nederland ook allemaal ijs op het water. Daarom stuurde Sytske van het Sint Pitersjoernaal paard en wagen naar de gestrande Aldemar en Sint Piter. Rond de klok van 16 uur kwamen ze gelukkig alsnog in Grou aan. Wolkom Sint Piter en Aldemar!

Sint Piter?
Is het de broer van Sinterklaas, een overblijfsel van de Lentefeesten of is het Petrus de Beschermheilige van de Grouster vissers? Er gaan veel verhalen over Sint Piter. Logisch, want niemand weet precies wat de geschiedenis van Sint Piter is. Maar wat we wel weten is dat Sint Piter – en niet Sinterklaas –ieder jaar in februari naar Grou komt. Samen met zijn trouwe vriend Swarte Pyt. Normaal gesproken komt Sint Piter op de zaterdag voor 21 februari met de boot aan in Grou. In verband met de voorjaarsvakantie is dat dit jaar een week eerder, namelijk op 9 februari 2019. Jong en oud staat dan op de Kade om hem samen met de burgemeester te begroeten. Er wordt volop gezongen met de Grouster brassband Apollo en al van verre is de Friese vlag op de Sint Piter kerktoren te zien. Na het ontvangst op het Halbertsma’s Plein, stapt Sint Piter op zijn Friese paard voor een feestelijke optocht door het dorp. Waarom Sint Piter alleen Grou bezoekt? Vroeger was de heilige Sint Petrus beschermheilige van de Grouster vissers. Hij had een aandeel in de Lentefeesten en gaf fruit en snoep aan de kinderen. Misschien is daarom de Sint Piterkerk in Grou gebouwd en vieren de kinderen (normaal gesproken, als het geen voorjaarsvakantie is) op school op 21 februari Sint Piterdag. 21 februari is altijd de dag dat de heiligman vertrekt en door alle Grousters wordt uitgezwaaid. Vorig jaar vertrok hij in een luchtballon naar Spanje!

Ik wist van tevoren dat we in een waterrijk deel van de provincie terecht zouden komen. Ik had echter geen rekening met de bruggen gehouden. In Groningen is de aanloop naar een brug minder steil en minder hoog dan de meeste bruggen waar we hier mee te maken kregen. Dat vereiste de nodige aanpassingen. Ik heb zelfs een keer het laatste stukje naar boven moeten lopen omdat het amper te doen was. Ik ben echt wel wat gewend, maar dit was toch een beetje veel gevraagd. Niettemin hadden we ons eerste rondje gedaan!

Dichterbij Grou tijdens ons eerste rondje fietsen.

De Burd is het gebied in het rode ovaal. Grou ligt daar links van.

Het pontje is vertrokken van Grou en vaart over het Prinses Margrietkanaal naar het vakantiepark op het eiland De Burd.

De Burd: voorheen een eiland bij Grou:
Tot aan de vijftiger jaren van de vorige eeuw zag het eiland De Burd er heel anders uit dan nu. Grote delen van het eiland stonden ’s winters onder water. Een verbinding met de vaste wal bestond nog niet. Alles wat de 17 inwonende boeren nodig hadden werd per boot aangevoerd. De melkboot en de pramen met vee en hooi bepaalden het dagelijkse beeld. De schoolkinderen gingen per boot naar Grou. In 1959 veranderde dit beeld drastisch. Rondom De Burd werd een dijk aangelegd die ervoor zorgde dat het eiland niet meer onder water liep. De komst van het gemaaltje aan de Biggemar maakte de molens werkeloos. Vrijwel alle molens zijn verdwenen. Wat rest is de Boarchmolen uit 1895 en de Friese spinnekopmolen op de Zuider-Burd. Laatstgenoemde is in 2006 gerestaureerd en heeft ook weer een functie gekregen. Op de Noorder-Burd staat nog de Haensmolen. Deze spinnekop stond vroeger aan de Grousterkant van het Prinses Margrietkanaal, vlakbij de pont. In 1960 werd deze pont in gebruik genomen. De pont zorgde voor een betere bereikbaarheid van De Burd. Een derde van het eiland, de Süderburd, is bestemd voor bewoning, watersport en recreatie. De Noarderburd, ongeveer 250 hectare, is aangewezen als natuurontwikkelingsgebied en wordt beheerd door It Fryske Gea. Waterpark Yn’e Lijte (in de luwte) is een op de Süderburd aan het Pikmeer gelegen watersportcamping. Door het zeer grote stacaravan en bungalowpark ligt een doorgaande openbare weg. Via een veerpontje over het Prinses Margrietkanaal kan Grou worden bereikt.

Ik ben helemaal verdiept in mijn boek…

Alle fietserij van deze paar dagen in één plaatje.

We hadden allebei een paar dingen waar deze vakantie aan zou moeten voldoen:  tijd nemen om te lezen; ‚ even uit de dagelijkse sleur en tot rust komen, en ƒ tijd nemen voor fietsen en lezen. Ik had een dikke thriller van Jeroen Windmeijer meegenomen en een tweede boek over de radicale politieke standpunten van Woody Guthrie (hij schreef ‘This land is your land’, het onderwerp van deze post). Tijd om te lezen namen we elke dag, want ook P was goed voorzien met een paar dikke thrillers van Lars Keppler. De maandag nemen we ’s ochtends te tijd om te lezen en ’s middags tijd om te fietsen. Dat hebben de dinsdag ook gedaan. Op de woensdag namen we een rustdag (alleen maar lezen) en op de donderdag gingen we op tijd weer naar Groningen terug.

Wij kijken terug op een paar mooie en vooral rustige dagen. Veel gelezen hebben we. Niet zo veel gefietst als we hadden bedacht, maar gezien de omstandigheden toch wel heel behoorlijk. Dit gedeelte van Friesland is vlakker en wijdser dan ik had bedacht en daardoor – zeker in deze periode – behoorlijk winderig. Het was af en toe behoorlijk ploeteren. Maar ondanks dat hebben we toch ruim 60 km samen gefietst. Ook leuk!  Een volgende vakantie zou ik graag naar een visueel wat interessanter gebied willen gaan. Ook dit gedeelte van Friesland heeft een rijke geschiedenis (als je je er in verdiept), maar ik word af en toe een beetje iebelig van die lange eindeloze kaarsrechte fietspaden met veel tegenwind…

De kerktoren van Aegum dateert gezien de bouwstijl van de toren uit de 13e eeuw. In het begin van de 16e eeuw kreeg de toren een zaal. De kerk zelf was in 1777 zo slecht geworden, dat deze afgebroken werd, en vervangen door een nieuwe die in 1778 gereed was. Die kerk werd vervolgens in 1838 verkocht om afgebroken te worden. Dat is in 1856 uiteindelijk ook gebeurd, maar de toren is wel blijven staan en is in 1983 gerestaureerd. In Aegum gaat het verhaal dat de stenen van het kerkgebouw destijds zijn hergebruikt voor het bouwen van een kroeg in Opeinde. Aegum wordt als het middelpunt van de wereld beschouwd, getuige het volgende rijmpje…

Eagum leit mids yn’e wrâld.
trije hoannestappen fan de toer dêr is it middelpuntsje
en dy’t it net leauwe wol, kin’t neitrêdzje.

Op een bepaald moment zagen we een enorme grafsteen langs het fietspad liggen. Ik ben weer teruggegaan om er een foto van te maken met de bedoeling iets meer over Jornahuys te weten te komen – dat is me (nog) niet gelukt…

Op een bankje met de rug naar de wind. Hoewel de temperaturen de afgelopen paar dagen dik boven nul zijn vonden we het af en toe toch behoorlijk frisjes…

Riet voor gebruik door dakdekkers. Die maken er van die mooie rieten daken van…

Kleine kraampjes langs de weg met lokale producten hebben op mij een grote aantrekkingskracht. Ik moet altijd even kijken of er iets van mijn gading bij is. In dit geval was dat een fles biologisch appel/perensap. Heerlijk!

P had bedacht dat we ook naar Terherne zouden kunnen fietsen. Dit dorpje heeft als bijnaam Kameleondorp. Ik was vroeger een van die jongetjes die maar al te graag de boeken van De Kameleon lazen. Dit is één van de straatjes in het dorp.

Bij het haventje in Terherne

Op het pleintje midden in het dorp. De boot spreekt voor zich uiteraard. Tussen de twee huizen bevindt zich een kleiner huisje waar ze boerderij-ijs verkochten. Ook dat moest geprobeerd worden. IJs met bosvruchten voor P en ijs met boerenjongens voor mij.

Ik heb me een keer laten vertellen dat ijs met boerenjongens (rozijnen geweld in brandewijn) een typisch Groninger specialiteit is. Als P en ik op een zomerse dag in de stad (Groningen) zijn wil ik altijd zo’n ijsje. Maar de mensen in Terherne hadden me te pakken. Dit was verreweg het lekkerste ijsje met boerenjongens van de laatste jaren!

Delen:

Comments

comments

Ik ben voornamelijk geïnteresseerd in traditionele folk- en countrymuziek, Groninger (cultuur)geschiedenis, en allerlei buitengebeuren. Vroeger trok ik er vaak op uit om meerdaagse fietstochten te maken, tegenwoordig fiets ik meer in de omgeving van de stad Groningen. In de jaren 80 van de vorige eeuw begon ik foto's te maken van de (huis)concerten die ik bezocht. Recent heb ik al mijn oude negatieven gedigitaliseerd. Deze website kwam tot stand vanuit de wens iets met de recent gedigitaliseerde negatieven te doen...

Geef een reactie